Open innovatie centrum Texperium nu officieel van start
Op 9 september 2010 is de Stichting Texperium officieel geopend door minister Tineke Huizinga (VROM).
Texperium wil recycling van textiel op een hoger niveau brengen. Afgedankt textiel zal niet langer meer de verbrandingsoven in hoeven, maar zal worden vervezeld en als grondstof dienen voor nieuwe hoogwaardige producten.
Texperium zal een kenniscentrum zijn voor ontwikkeling van nieuwe technologie voor textielrecycling en productontwikkeling met herwonnen vezels. De deelnemers in Texperium worden in projecten samengebracht, zodat een nieuwe productieketen ontstaat van begin (inname) tot eind (producent). Dat maakt de textielketen niet alleen duurzamer, maar biedt ook nieuwe marktkansen.
Voor meer informatie over Texperium: www.texperium.eu
Eerdere berichten:
Duurzaamheid: hype of trend?
Duurzaamheid is een thema dat momenteel bij elke onderneming hoog op de agenda staat. Steeds meer bedrijven promoten hun producten op basis van milieuvriendelijkheid, energiebesparing en het gebruik van natuurlijke grondstoffen. Dit lijkt een hype, maar volgens Alcon Advies is dit een blijvende trend. Deze trend wordt ingegeven door berichten over grondstofschaarste (TNO voorspelt dat metalen die noodzakelijk zijn voor alternatieve energiebronnen wel eens een limiterende factor kunnen zijn), de structureel hogere olieprijzen en de opwarming van de aarde. Ook de kredietcrisis heeft een rol gespeeld in het veranderen van de mindsetting: er zijn grenzen bereikt en de westerse wereld zal zich moeten matigen.
In de afgelopen tijd zijn in de textiel- en tapijtindustrie bijeenkomsten gehouden in het kader van de voorstudie voor een routekaart (roadmap) voor deze branches. Ook op deze bijeenkomsten was te beluisteren dat zuinigheid met grondstoffen en recycling een noodzaak is. Duurzaam produceren en duurzame producten zijn een essentiële randvoorwaarde geworden voor een succesvolle onderneming.
Er zijn veel organisaties die activiteiten ontplooien op het gebied van duurzaamheid, zowel op commerciële als op non-profit basis. Ook in het beroepsonderwijs wordt veel aandacht besteed aan duurzaamheid. Alcon Advies is betrokken bij een aantal activiteiten van AMFI, Saxion Hogeschool en HAN op het gebied van duurzaamheid.
Textiles for Textiles van start
Textielrecycling wordt steeds meer gezien als een duurzame oplossing om de milieu-impact van textiel en kleding terug te dringen.
Het langer in gebruik houden van vezels heeft direct invloed op het terugdringen van het gebruik van nieuwe vezels. De milieuwinst is evenredig met de verlenging van de gebruiksduur van de vezels. Hierdoor wint het hergebruik van textiele vezels het qua milieurendement op vele fronten van bijvoorbeeld ecologisch geteeld kantoen, vezels uit natuurlijke grondstoffen zoals PLA
of nieuwe synthetische vezels.
Het is daarom niet vreemd dat er veel aandacht is voor het upgraden van textielrecycling. Er wordt in Europa per jaar en per persoon ca 25 kg nieuwe vezels gebruikt. Hiervan wordt ca 5 kg ingezameld en op de een of andere manier herverwerkt. De economie van de inzameling, meestal door charitatieve organisaties, hangt grotendeels af van de fractie herdraagbare kleding. Ingezameld textiel dat niet herdraagbaar is, de zogenaamde mixed rags, hebben een geringe waarde die meestal de kostprijs van de processing en het transport niet dekt.
In Textiles for Textiles (T4T) wordt in het kader van het eco-innovation programma van de EU een technologische oplossing (verder) ontwikkeld om de mixed rags te upgraden en hiervoor toepassingen te ontwikkelen met een hogere toegevoegde waarde, waardoor textielrecycling economisch interessant blijft of wordt. In het project wordt een industriële scheidingstechiek ontwikkeld waarmee de ingezamelde textiel, na het uitsorteren van de herdraagbare kleding, kan worden gesorteerd op chemische samenstelling en kleur. De (reproduceerbaar) gescheiden fracties zullen verder worden bewerkt zodat vezels herwonnen kunnen worden. Indien deze vezels van voldoende kwaliteit zijn, zullen vezels ingezet kunnen worden in de garenproductie (bijmenging of 100%). De sortering zal naast zuivere fracties ook een restfractie kennen van een complexe samenstelling. Hiervoor zal ook een verwerkingsroute worden ontwikkeld, zodat alle uitgesorteerde fracties een hogere toegevoegde waarde zullen hebben.
Deelnemers in het T4T-project zijn KICI (coordinator), Wieland Textiles, Frankenhuis Fleece, Work on Progress, Laser Centrum Hannover, MuT, Enviu en Groenendijk. Alcon Advies zal optreden als technologisch adviseur in de uitvoering van dit project.
(terug naar berichten)
Alcon Advies neemt deel aan Awearness event in Arnhem
Op de dag van het milieu 09-09-09 wordt in Arnhem een Awearness Fair Fashion Event gehouden. Centraal staat milieuvriendelijke bedrijfskleding. Alcon Advies zal in de panel discussie deelnemen en aangeven op welke technologische aspecten in de textiel- en kledingketen milieuwinst te boeken is.
Meer info: www.awearness-fashion.nl
(terug naar berichten)
How to enter the technical textiles market
Technisch textiel is een groeimarkt in Europa. Niet voor niets is Protective Textiles het onderwerp van 1 van de lead market initiatieven van de EU. 15 en 16 oktober wordt er in Edinburgh het 5e symposium gehouden: how to enter the technical textiles market. Dit symposium wordt georganiseerd door prof Roshan Shishoo, een grote inspirator als het gaat om innovaties in textiel. Alcon Advies zal een bijdrage leveren aan het symposium in de vorm van een lezing over innovaties in technisch textiel voor militaire toepassingen.
Meer informatie en aanmelden: www.technical-textiles.net/symposium.htm
(terug naar berichten)
Praktijk leernetwerken ASIFF
Donderdag 25 juni zijn drie praktijk leernetwerken gestart voor verdere kennisontwikkeling over diverse aspecten van duurzame mode. KvK Amsterdam organiseert dit voor het Amsterdam Sustainability Institute for Fashion and Fabrics (ASIFF http://www.kvk.nl/asiff ).
Thema's van de praktijk leernetwerken zijn
* Design
* Inkoop, begeleid door BECO, Martine Willems
* Fabricage en innovatie, begeleid door Marije Hovestad (Syntens) en Anton Luiken (Alcon Advies)
Tijdens deze praktijk leernetwerkavond wordt samen met ondernemers een verdiepingsslag gemaakt in kennisontwikkeling. De informatie(vragen) zijn uitgangspunten voor de 2e en 3e praktijk leernetwerkavond.
Mogelijk levert de 3e sessie onderzoeksvragen op voor kennisinstellingen.
De onderzoeksresultaten komen beschikbaar voor de betrokken duurzame ondernemers.
Voor wie?
Uitsluitend voor ondernemers. Meer informatie via www.kvk.nl/asiff
Alcon Advies heeft voor fabricage en innovatie een powerpoint presentatie gemaakt. Deze powerpoint presentatie is op aanvraag verkrijgbaar bij Alcon Advies: anton.luiken@alconadvies.nl.
(terug naar berichten)
Economische crisis ook een kans?
De economische crisis gaat ook aan de textiel- en tapijtindustrie niet ongemerkt voorbij. Vele bedrijven hebben het moeilijk omdat traditionele afzetmarkten wegvallen, afnemers hun voorraden inkrimpen, bedrijven en consumenten terughoudender zijn geworden ten aanzien van aankopen en niet in de laatste plaats omdat afnemers geen krediet meer krijgen.
In deze economisch moeilijke tijd is de focus in eerste instantie gericht op overleven, maar er zou ook aandacht moeten zijn voor de iets verdere toekomst. Bij veel bedrijven is dat echter niet het geval. Noodzakelijke en zeer renderende investeringen worden niet meer gedaan. Steeds meer bedrijven zeggen dat terugverdientijden korter moeten zijn dan 1 jaar. Dat betekent dat men op deze investeringen een rendement eist van 100% op jaarbasis. Als deze investeringen al niet gedaan (kunnen) worden, dan is het perspectief wel heel erg slecht.
Gelukkig zijn er ook nog tal van bedrijven die wel investeren in product- en procesontwikkeling. Juist deze tijd van economische achteruitgang is een goed moment om de eigen processen en producten eens goed tegen het licht te houden. Hierbij zou het volgende uitgangspunt gehanteerd kunnen worden: Stel dat ik vandaag zou beginnen: hoe zouden dan de processen in mijn bedrijf er uit zien? En welke producten zou ik dan gaan maken? Door dit regelmatig en systematisch te doen wordt focus verkregen op de noodzakelijke ontwikkelingen binnen een bedrijf.
Binnen de MJA3 wordt in diverse sectoren gewerkt aan het opstellen van een routekaart voor de toekomst. Bij het opstellen van de routekaart is bovenstaand uitgangspunt een goede basis om focus te krijgen op de gewenste of noodzakelijke toekomstige ontwikkelingen. Voor bedrijven is het interessant om hun agenda op de routekaart te krijgen omdat de overheid de realisatie van die routekaart zal faciliteren. Maar dan moet het bedrijf wel een agenda hebben!
(terug naar berichten)
PPE-conferentie Hengelo een succes
Op 1 en 2 december 2008 werd door de stichting EFSM (Engineering of Fibrous Smart Materials) een conferentie georganiseerd met als thema: Personal protective equipment, innovatie en gebruik in een Europese lead market. De conferentie vond plaats in het Hazemeyer complex in Hengelo. Doel van de conferentie was om te komen tot een Europese research agenda voor de verdere ontwikkeling van beschermende kleding gebaseerd op de eisen van de (toekomstige) eindgebruiker en technologische ontwikkelingen.
Onder de ca 200 bezoekers waren een groot aantal beleidsmakers uit Brussel, de nationale en regionale overheid, naast eindgebruikers, producenten en researchinstellingen. De conferentie werd geopend met een video-boodschap van de minister van Economische Zaken, Maria van der Hoeven, gevolgd door lezingen van onder andere de burgemeester van Enschede, de heer Den Oudsten, Dick Hendriks, voorzitter van het Europese Technologie Platform voor de toekomst van textiel en kleding en prof. Marijn Warmoeskerken van de Universiteit Twente. Hij liet een boeiende animatie zien, gemaakt door de Saxion Hogeschool op basis van een roadmap opgesteld door Marijn Warmoeskerken, Ger Brinks en Anton Luiken. In een aantal lezingen en workshops werd nader ingegaan op de state of the art in de ontwikkeling van beschermende kleding, de normering van beschermende kleding en de belemmeringen die producenten ondervinden bij openbare aanbestedingen.
Opvallend was te constateren dat een aantal sprekers, onder wie prof Hein Daanen van TNO, aangaf dat er veel meer aandacht moet zijn voor de mens in de beschermende kleding. Hij gaf in zijn lezing een aantal voorbeelden van enerzijds adaptatie van de werkers aan extreme omstandigheden en anderzijds van het gevaar van oververhitting, ook bij lage omgevingstemperaturen, dat gebruikers van beschermende kleding lopen.
Vooral de versnippering in onderzoek en ontwikkeling (gebrek aan coördinatie op Europees niveau) als bij de aanbesteding (ieder regionaal korps maakt zijn eigen programma van eisen) zijn onderwerpen waar de komende jaren in het kader van de Europese leadmarket aandacht aan besteed moet worden.
De verwachting is dat de conclusies en aanbevelingen van de conferentie over enige tijd terug te vinden zullen zijn in Europese richtlijnen en onderzoeksprogramma’s.
(terug naar berichten)
Overheid gaat duurzaam inkopen
De Nederlandse overheid gaat vanaf 2010 alle producten die ze inkoopt beoordelen op duurzaamheid. Regionale overheden zullen dit voor 50 - 75% van haar inkopen doen en zullen in 2015 volledig duurzaam inkopen. Dit betekent een geweldige stimulans voor de ontwikkeling en productie van duurzame producten. Producenten en leveranciers kunnen hiermee hun positie als toeleverancier aan de overheid versterken ten opzichte van minder duurzame collega’s.
De gezamenlijke overheden stellen duurzaamheidcriteria vast. Hierbij wordt gekeken naar de koplopers in de duurzaamheidmarkt. Er komen duurzaamheidcriteria voor alle productgroepen die de overheid inkoopt: van kantoormeubelen en energie tot wegen en kantoorgebouwen. Per productgroep worden eisen opgesteld voor milieu- en sociale aspecten. Bij milieuaspecten gaat het om het effect van het product of productieproces op het milieu, bijvoorbeeld door energie of materiaalgebruik. Bij sociale aspecten kunt u denken aan thema’s als kinderarbeid of mensenrechten.
Voor de producteisen geldt dat er voldoende aanbod moet zijn en de kosten niet substantieel stijgen. Iedere leverancier die aan de overheden wil leveren, móet aan deze eisen voldoen. Daarnaast worden lijstjes met ‘wensen’ opgesteld. Op deze punten kunnen leveranciers zich onderscheiden, net als op de prijs. Met behulp van de criteria kunnen de overheden duurzaamheid toepassen in hun inkoopbeleid en de doelstellingen realiseren. 100 procent duurzaam inkopen betekent dat de inkopen voldoen aan de eisen die op dat moment voor de desbetreffende productgroepen zijn opgesteld.
De ontwikkeling van de criteria is dynamisch, want het denken over en het realiseren van duurzaamheid verandert in de tijd. Met het oog op nieuwe technologische ontwikkelingen en inzichten, veranderingen in de markt en gewijzigde maatschappelijke opvattingen worden de gehanteerde criteria regelmatig herzien. Afhankelijk van de levenscyclus van de betrokken productgroep zal dit na een periode van 1 tot 4 jaar zijn. In de tussentijd worden relevante technologische en marktontwikkelingen gevolgd en inhoudelijke reacties op de vastgestelde criteria bijgehouden.
(bron: SenterNovem)
(terug naar berichten)
Samenwerkingsverband Jeans for jeans (persbericht 16 mei 2008)
Gerecyclede spijkerbroek
Onder de titel “Jeans for jeans” wordt een spijkerbroek van 100% gerecycled materiaal (post consumer) gepresenteerd. Het samenwerkingsverband “Jeans for jeans” bestaat uit: KICI Kledinginzameling, Wieland Textiles, Frankenhuis & Zoon, Ten Cate Advanced Textiles, Dutch Spirit, Berendsen, TNO, Alcon Advies en MODINT. Dit samenwerkingsverband wordt ondersteund door SenterNovem. De presentatie vindt plaats op 22 mei aanstaande in Den Haag en staat in het kader van de bijeenkomst “Grondstoffen op waarde geschat”.
Tijdens de bijeenkomst op 22 mei aanstaande worden de eerste resultaten gepresenteerd van een 6-tal pilotprojecten, uitgevoerd in het kader van het programma “Grondstoffen op waarde geschat” van het ministerie van VROM. De bijeenkomst is in het Museon in Den Haag en de jury bestaat uit: VROM minister Jacqueline Cramer, Alexander Rinnooy Kan (SER) en Bart Jan Krouwel (Rabobank).
Projectopzet
Spijkerbroeken zijn gemaakt van stevig katoen, dat zich moeilijk leent voor hergebruik. In het pilotproject textiel is er door het samenwerkingsverband actief aan gewerkt om dit toch voor elkaar te krijgen. Een “Jeans for Jeans” spijkerbroek geeft een geweldige besparing van tenminste 40% aan nieuwe grondstoffen. Als het lukt om van oude spijkerbroeken weer nieuwe te maken, dan kan die kennis tevens gebruikt worden om ook van andere afgedankte kledingstukken stof te maken voor nieuwe kleding. Uit deze ervaring kunnen andere bedrijven en andere ketens weer leren. De gerecyclede spijkerstof hoeft waarschijnlijk niet geverfd te worden. Dit betekent een belangrijke milieuwinst. Hiermee is dit project bij uitstek een cradle to cradle project. Er is geprobeerd heel concreet de kringloop van spijkerbroeken te sluiten.
Meer informatie over de bijeenkomst van 22 mei treft u aan op de volgende websites:
http://www.cradletocradle.nl/home/725_grondstoffen-op-waarde-geschat.htm en http://www.senternovem.nl/uitvoeringafvalbeheer/ketenaanpak/bijeenkomsten/index.asp
Jeans for jeans in de pers:
Publicatie in FashionUnited (www.fashionunited.nl):
Oude jeans in een nieuw jasje
Een oude spijkerbroek die weer een nieuwe wordt. Dat is de bedoeling van het project ‘jeans for jeans'. Een zestal pilotprojecten, spijkerbroeken van 100 procent gerecycled katoen, zal deze week in Den Haag worden gepresenteerd aan Minister van VROM, Jacqueline Cramer, Alexander Rinnooy Kan (SER) en Bart Jan Krouwel (Rabobank).
“De doelstelling is aan te tonen dat het mogelijk is van oude spijkerbroeken nieuwe te maken,” zegt Anton Luiken van Alcon Advies, dat het project technisch ondersteunt. Volgens Luiken is het nu al een succes, maar blijft het voorlopig bij een demonstratie. “We zijn begonnen met 1500 kilogram ingezamelde jeans en hebben nog maar een beperkt aantal kledingstukken. Vanuit hier gaan we de milieuwinst bekijken. Hoe zou het vervezelingsproces verbeterd kunnen worden? Hoe gebruiken we zo min mogelijk energie?” Spijkerbroeken zijn gemaakt van stevig katoen, waardoor hergebruik moeilijk is. Een ‘Jeans for jeans' broek bespaart al gauw 40 procent aan nieuwe grondstoffen. “De gerecyclede spijkerstof hoeft waarschijnlijk niet gebleekt en geverfd te worden. Dit betekent een belangrijke milieuwinst,” zegt Luiken. Hiermee is dit project bij uitstek een cradle to cradle project. Er is geprobeerd heel concreet de kringloop van spijkerbroeken te sluiten.
Eind van dit jaar hoopt Luiken dat er voldoende materiaal beschikbaar is om de kleding te gaan verkopen aan winkels. “Innovatie is mooi, maar innovatie is pas innovatie als het daadwerkelijk op de markt gebracht is.” Het project is onderdeel van het programma ‘Grondstoffen op waarde geschat' van het VROM. ‘Jeans for jeans' is een samenwerking tussen KICI Kledinginzameling, Wieland Textiles, Frankenhuis & Zoon, Ten Cate Advanced Textiles, Dutch Spirit (dat de kleding ontwerpt), Berendsen, TNO, Alcon Advies en MODINT en wordt ondersteund door SenterNovem. |
http://www.z24.nl/bijzaken/lifestyle/artikel_15777.z24
Eerste jeans van gerecycled materiaal
17-05-2008 | Gepubliceerd 13:45
Onder de titel 'Jeans for jeans' presenteren donderdag een aantal bedrijven en organisaties een spijkerbroek van 100 procent gerecycled materiaal. Tijdens de bijeenkomst worden de eerste resultaten gepresenteerd van zes proefprojecten in het kader van het project 'Grondsstoffen op waarde geschat'.
Dat heeft de Ondernemersorganisatie voor mode, interieur, tapijt en textiel (Modint) laten weten.
Een 'Jeans for jeans'-spijkerbroek geeft een besparing van ongeveer 40 procent aan nieuwe grondstoffen. De gerecyclede spijkerstof hoeft waarschijnlijk niet geverfd te worden. Dit betekent een belangrijke milieuwinst.
Als het lukt om van oude spijkerbroeken weer nieuwe te maken, kan die kennis ook gebruikt worden om ook van andere afgedankte kledingstukken stof te maken voor nieuwe kleding.
ANP |
http://www.modint.nl/index.cfm/4,2930,html
Samenwerkingsverband Jeans for jeans
Onder de titel “Jeans for jeans” wordt een spijkerbroek van 100% gerecycled materiaal (post consumer) gepresenteerd. Het samenwerkingsverband “Jeans for jeans” bestaat uit: KICI Kledinginzameling, Wieland Textiles, Franken
De presentatie vindt plaats op 22 mei aanstaande in Den Haag en staat in het kader van de bijeenkomst “Grondstoffen op waarde geschat”. Tijdens de bijeenkomst op 22 mei aanstaande worden de eerste resultaten gepresenteerd van een 6-tal pilotprojecten, uitgevoerd in het kader van het programma “Grondstoffen op waarde geschat” van het ministerie van VROM. De bijeenkomst is in het Museon in Den Haag en de jury bestaat uit: VROM minister Jacqueline Cramer, Alexander Rinnooy Kan (SER) en Bart Jan Krouwel (Rabobank).
Projectopzet
Spijkerbroeken zijn gemaakt van stevig katoen, dat zich moeilijk leent voor hergebruik. In het pilotproject textiel is er door het samenwerkingsverband actief aan gewerkt om dit toch voor elkaar te krijgen. Een “Jeans for Jeans” spijkerbroek geeft een geweldige besparing van tenminste 40% aan nieuwe grondstoffen. Als het lukt om van oude spijkerbroeken weer nieuwe te maken, dan kan die kennis tevens gebruikt worden om ook van andere afgedankte kledingstukken stof te maken voor nieuwe kleding. Uit deze ervaring kunnen andere bedrijven en andere ketens weer leren. De gerecyclede spijkerstof hoeft waarschijnlijk niet geverfd te worden. Dit betekent een belangrijke milieuwinst. Hiermee is dit project bij uitstek een cradle to cradle project. Er is geprobeerd heel concreet de kringloop van spijkerbroeken te sluiten. |
http://www.duurzaam-ondernemen.nl/detail_press.phtml?act_id=7900
Modelabel DutchSpirit presenteert collectie Cradle to Cradle jeans
Donderdag 22 mei presenteert het Nederlandse modelabel DutchSpirit tijdens een speciale modeshow tijdens de manifestatie "grondstoffen op waarde geschat" in aanwezigheid van Minister Cramer haar nieuwe collectie jeans. Deze jeans zijn gemaakt van 2 materialen die geheel nieuw zijn in de markt.
De eerste stof (collectie) die getoond wordt, is gemaakt van oude postconsumer spijkerbroeken en restafval van de weverijen. Dit is ingezameld door de verschillende partners, daarna vermalen tot vezels en opnieuw gesponnen en geweven. Hierna is het verwerkt tot een geheel nieuwe jeanslijn. |
|
http://www.zibb.nl/10229926/Eigen-zaak/Eigen-zaak-nieuws/Eigen-zaak-nieuwsbericht/Duurzame-jeans-is-ook-te-composteren.htm
Door: ANP | 22 mei 2008
Milieu en economie kunnen echt hand in hand gaan. Dat stelde minister Jacqueline Cramer (Milieu) donderdag vast in het Haagse Museon waar praktijkvoorbeelden werden gepresenteerd om bewuster om te gaan met grondstoffen.
De minister die duurzaam consumeren en produceren graag hand in hand wil zien gaan, kreeg daarbij onder meer een spijkerrok van hergebruikte jeans aangeboden. Jules van Beek (Dutch Spirit) liet haar zo zien dat hij er klaar voor is om met zijn maatschappelijk verantwoord gemaakte spijkergoed de markt op te gaan. Hij hoopt dat de zogeheten Tencel-jeans na de zomer te koop is. Tencel wordt gemaakt van eucalyptushout en is daardoor probleemloos te composteren.
Biologisch afbreekbaar
'Tencel bestaat al langer, maar het is nu gelukt het toe te passen op spijkerstof. Als zo'n spijkerbroek afgedragen is, kun je 'm in principe gewoon in de vochtige grond begraven en dan wordt alles afgebroken. Alleen de rits en knopen moeten eraf worden gehaald', aldus Van Beek.
De door Rien Otto ontworpen spijkerbroeken, jacks en rokjes zien er niet anders uit dan gewone jeans. 'Dat is de grap. Je ziet het niet, maar het is wel degelijk gerecycled uit jeans en snijafval.' Door oude, gedragen jeans opnieuw te gebruiken, wordt bespaard op het gebruik van water en chemicaliën.
Vorderingen
Behalve duurzame stappen in de textielsector, lieten ook vertegenwoordigers in piepschuim, tapijt, zink, gips en voedsel hun vorderingen zien. De gipssector beloofde in 2010 twee keer zoveel gips te recyclen als nu; in 2015 wil de sector op dat gebied koploper zijn in Europa.
Voorzitter Alexander Rinnooy Kan van de Sociaal-Economische Raad (SER) vindt dat deze ontwikkelingen aangeven dat er geen wet nodig is om duurzame initiatieven af te dwingen. 'Je ziet nu dat maatschappelijk verantwoord ondernemen geen luxe of hobby is, maar realiteit. |
http://www.trouw.nl/groen/nieuws/article994377.ece/Jeans_van_oude_jeans#readmore
Jeans van oude jeans
23-05-2008 | Maartje Smeets
De spijkerbroek van hergebruikte jeans werd gisteren in het Haagse ten doop gehouden. Eind dit jaar hangt ie voor zo’n negentig euro in de winkels.
Hij ruikt als nieuw, voelt als nieuw, en ziet eruit als nieuw. En toch is ie gemaakt van oude, afgetrapte spijkerbroeken die in de zak van Max zijn beland. Gisteren werd de eerste volledig gerecyclede spijkerbroek gepresenteerd in een zaal vol mensen in pak in het Museon in Den Haag.
De presentatie van de spijkerbroek in het Museon is een van de zes proefprojecten die de overheid heeft opgezet om te produceren volgens het cradle-to-cradle-principe. Dat betekent dat de materialen van bestaande producten volledig worden gebruikt om er nieuwe producten van te maken. Zo wordt de hoeveelheid afval tot een minimum beperkt en wordt efficiënter omgesprongen met steeds schaarsere en duurdere grondstoffen.
De consument moet nog even geduld hebben voor de gerecyclede broeken, rokken en jasjes in de winkel hangen. Directeur Jules van Beek van Dutch Spirit Fashion verwacht dat de broek aan het eind van dit jaar voor zo’n negentig euro in de winkel zal hangen. Dutch Spirit Fashion is een label voor duurzame kleding uit Nijmegen.
Peter Bos van textiel-recycle-bedrijf Frankenhuis & zn. laat zien wat er overblijft van de hergebruikte spijkerbroek. In een plastic zakje zitten niet meer dan metalen knopen en wat onherkenbare onderdelen. En zelfs die metalen onderdelen kunnen bijvoorbeeld voor het maken van auto’s hergebruikt worden. Bos: „We hebben bewust gekozen om te proberen de taaie spijkerbroeken te recyclen. Als het daarmee lukt, moet het met andere stoffen ook lukken. Van de kennis en techniek die we met het recyclen van spijkerbroeken opdoen, kunnen andere sectoren ook leren.”
De spijkerbroeken worden bij het recycle-bedrijf gesneden, gaan door de shredder en van wat overblijft worden nieuwe vezels gemaakt. Daarvan wordt draad gesponnen voor nieuwe kleren. Dat klinkt bewerkelijk en duur, maar volgens Bos valt het mee, vergeleken met het produceren van spijkerstof uit katoen. De productie van natuurlijke vezels legt veel beslag op de grond. Om een kilo katoen te produceren is zo’n 25.000 liter water nodig en worden pesticiden en kunstmest gebruikt. Hergebruik van spijkerbroeken kost 53 procent minder energie, 99 procent minder water en 88 procent minder chemicaliën. Er valt dus veel milieuwinst te halen.
De kledingstukken van Dutch Spirit Fashion zijn in eerste instantie alleen verkrijgbaar bij winkels gespecialiseerd in biologische geproduceerde kleding. |
(terug naar berichten)
Proefprojecten terugdringen materiaalverbruik
Levensduurverlenging van materialen levert een belangrijke grondstofbesparing op en daarmee een aanzienlijke milieubesparing. Levensduurverlenging is echter niet eenvoudig te realiseren omdat hierbij in de ontwerpfase al vaak rekening mee moet worden gehouden.
Textiele materialen worden vaak maar eenmaal in een product gebruikt. Daarna wordt het product afgedankt en gestort of verbrand (thermische recycling). Kleding wordt voor een deel ingezameld en een deel van de ingezamelde kleding komt in aanmerking voor hergebruik, meestal ergens in het buitenland.
Door bij de ontwikkeling van producten rekening te houden met een “end-of-life” scenario, dat wil zeggen dat bij het ontwerp al rekening wordt gehouden met de verwerking van het product in de afvalfase, kan vaak een veel groter deel van de materialen worden hergebruikt. Vaak is het gewenst dat in een product maar 1 materiaalsoort aanwezig is (bijv. 100% katoen), in plaats van een menging van 2, 3 of meer materialen. Door een geschikt recyclingproces kan dan een grote hoeveelheid materiaal opnieuw worden ingezet.
Vanuit het ministerie van VROM zijn een aantal proefprojecten opgestart om na te gaan of het materiaalverbruik teruggedrongen kan worden. Proefprojecten vinden onder andere plaats op het gebied van (werk)kleding en tapijt.
Nadere informatie over deze projecten kan worden verkregen bij de branche-organisatie Modint (Jaap van Hensbergen) en/of SenterNovem (Hanneke op den Brouw). Ook via Alcon Advies kunt u in contact komen met deze organisaties.
(terug naar berichten)
MJA-dag textielindustrie
Op 30 januari 2008 is er door de branche-organisatie VTN een MJA-dag voor de textielindustie georganiseerd bij Lankhorst in Sneek. De lopende Meerjarenafspraak zal worden opengebroken. De looptijd wordt verlengd tot 2020 en de doelstelling zal zijn een gemiddelde energie-efficiencyverbetering van 2% per jaar. SenterNovem zal branches en bedrijven faciliteren bij het realiseren van de doelstellingen.
Een nieuw aspect in de MJA is het opstellen van een branche visiedocument waarin de ontwikkelingen in de textielbranche tot 2030 zullen worden geschetst. VTN zal in samenwerking met SenterNovem en externe deskundigen de branchevisie vorm geven. Ook een Modint-project in het kader van NEO zal bijdragen aan de vorming van de branche-visie. Bedrijven kunnen dit visiedocument gebruiken om hun eigen strategie te toetsen.
In de namiddag werd er door de ca 30 deelnemers onder leiding van SenterNovem gebrainstormd over mogelijkheden om textielproductie duurzamer te maken. Opvallend was het aantal maatregelen dat nog op korte termijn zou kunnen worden ingevoerd. Hiervoor zullen mogelijk onder begeleiding van VTN nieuwe gebruikersgroepen worden opgericht. Daarnaast waren er een groot aantal suggesties om op termijn te komen tot een duurzamer gebruik van grondstoffen en productie. Nieuwe vezelmaterialen op basis van bio-polymeren, hergebruik van materialen en nieuwe technologieën werden door de deelnemers gezien als kansrijk. VTN en SenterNovem zullen bij de bedrijven nagaan welke onderwerpen op korte termijn verder uitgewerkt kunnen worden.
SenterNovem zal de resultaten van de brainstorm uitwerken en onder de deelnemende MJA-bedrijven verspreiden.
(terug naar berichten)